Artikelen

Reisverhaal Amstelmeerkruiser 950 ak

Dit 10 meter lange schip met de merkwaardige naam "Ons Jôôs" ligt in Noord Scharwoude en moet op verzoek van Homme Overwijk voor de verkoop naar  Heerenveen gevaren worden. Dat reisje betekent een oversteek van het IJsselmeer, en omdat begin april nogal winderig was, is de tocht enkele keren uitgesteld. Maar nu (24 april) moest het er toch maar 's van komen.


De eigenaar haalt mij van de trein in Heerhugowaard, en een half uurtje later ben ik al bij de eerste sluis, de Roskamsluis. Van de sluiswachter krijg ik het vervelende
bericht dat de Westfriesesluis tot eind mei gestremd is. Nu kan ik niet via Medemblik naar Stavoren; de reis wordt een stuk langer: bij de Stontelersluis het IJsselmeer op, en dan de Afsluitdijk volgen. Nou ja…Dat is voor morgen.

Het is goed weer, en het vlakke landschap met vele schapen en splinternieuwe lammetjes is mooi. Het laatste stuk gaat de vaart door het Robbenoordbos; erg fraai. Dit is allemaal door mensenhanden gemaakte natuur. Ik kan nog vijf meter omhoog in die Stontelersluis; van de sluismeester krijg ik toestemming aan de remming vast te maken voor de nacht, míts ik om acht uur morgenochtend vertrokken ben. Met enige moeite de fiets het laddertje opgehesen, en na een kort ritje zit ik in een restaurant in Den Oever achter een bord spare ribs. In het aardedonker de boot teruggevonden.


Vrijdag de 25e blijkt om zeven uur dat het IJsselmeer er kalm bijligt. Ik neem marifooncontact op met de Stevinsluis (in de Afsluitdijk) om te vragen of je domweg de dijk kunt volgen naar Friesland. Men zegt dat het aan de buitenkant kan, maar aan de binnenkant (IJsselmeer dus) zijn ondieptes. Nou, voorzichtig-an dan maar; ik heb ook wel gesproken met schippers die dat toch gedaan hebben. Bovendien zie ik verscheidene vissersschepen met een grotere diepgang dan "mijn" boot. De visstokken vermijdend bereik ik veilig de overkant; wel is de wind nogal aangewakkerd en ik ben toch een beetje opgelucht als ik de voorhaven van Makkum bereikt heb. Nu volgt een prachtige tocht door Friesland, via het Van Panhuyskanaal, langs Bolsward (aanleg voor een broodje en een toeter-met-gasbusje omdat de scheepshoorn niet werkt. Er liggen al wat passanten aan de Stoombootkade. Het enige kleine minpuntje is het feit dat je in deze hoek van Fryslân nogal wat pegulanten kwijt bent aan brug- en sluisgeld. De bediening is zeer snel en de brugwachters zijn opgewekt. Het enige oponthoud wordt veroorzaakt door de spoorbrug in IJlst. Ik kan vandaag Heerenveen niet meer halen, en ik vaar naar Joure. Borreltje op een terras, naast de boot, gevolgd door een wijntje. Wat een leven! Ik vaar toch
's avonds nog een eind door naar een splinternieuw Marrekritesteigertje aan de Noorder Oudeweg; het is zelfs nog niet helemaal af.

Zaterdag 26 april: het heeft wat geregend. Ik vertrek tijdig en kom al gauw een enorm aantal laverende open zeilboten tegen; zeker een stuk of tachtig. Het gaat duidelijk niet om experts op zeilgebied; er wordt nogal wat afgeklungeld en ik moet heel omzichtig manoeuvrerend de stoet passeren. Het is een georganiseerde zeiltocht, met veel begeleidende motorbootjes vol oranje pakken. Wel een leuk gezicht! Helaas kan ik geen foto's meer maken; mijn cameraatje is plotseling defect. Via de Goingarijpster Poelen, de brug Herenzijl (daar pas ik met 2 cm speling net onder; bediening begint pas om negen uur en dat is het nog niet) bereik ik uiteindelijk Het Deel en de haven De Welle, waar Homme al gauw arriveert. Nu moet ik naar het station fietsen; omdat je op zo'n boot niet veel beweging hebt trap ik helemaal naar Wolvega –lekkere haring hebben ze daar- en pak daar de trein naar Zwolle. Dan naar Almelo.

Totaal 134 km gevaren, en dat is 31 meer dan de bedoeling was!



Hans Guikink